gruselst
griezelen, huiveren, bang zijn, rillen, ijzen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
griezelen, huiveren, bang zijn, rillen, ijzen
( op ) plakken
uiteenlopend, zonder eenheid, disparaat, ongelijkmatig
tot de mythen behorend, van de mythen afkomstig, mythisch
glinsteren, fonkelen, schitteren
wipneus
gebruiken, gebruikmaken van
ongeneeslijk, onverbeterlijk
doorvorsen, uitvorsen, ( wetenschappelijk ) onderzoeken
gezworene, jurylid