aufteilt
( helemaal ) verdelen, opdelen, uitdelen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
( helemaal ) verdelen, opdelen, uitdelen
lekker, goed ( drinkbaar )
eminentie
vakkundig, deskundig
conjunctureel
ontglippen, ontsnappen
respecteren
afbetalen, terugbetalen
deugen, geschikt zijn
radeloosheid