ausließe
uitlaten, laten ontsnappen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
uitlaten, laten ontsnappen
schaven, schrapen, krabben, schrappen
werelds, aards
verantwoordelijke instantie (s)
hechten, bevestigen, spelden, nieten
holle spiegel
sympathisant
eeltig, vereelt
fret
volks, passend bij de volksaard, populair