Tonband
geluidsband, band ( je ), tape
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
geluidsband, band ( je ), tape
gewoontemisdadiger
produceren, vervaardigen, voortbrengen
achterblijven, achterliggen, achteropraken, achter zijn
opponeren
bejaard, bedaagd, op jaren
ongehinderd, onbelemmerd, ongestoord
filiaal, bijkantoor
prachtig, heerlijk, heel mooi
vagebonderen