grimmigem
grimmig, nijdig, toornig, woedend
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
grimmig, nijdig, toornig, woedend
protsen, opscheppen, prat gaan op
eenzaam, alleen
wegtrekken, verhuizen, vertrekken
onderontwikkeld, achtergebleven
zwellen, aanzwellen, opzwellen, ( aan ) groeien
productief
uitdagen
schuren, polijsten, smergelen
overstroming, overspoeling