partizipierten
participeren, deelnemen aan, deelhebben in
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
participeren, deelnemen aan, deelhebben in
opvallend, frappant
energiezuinig
zich bekeren, tot een ander geloof overgaan
kroes, gekruld, gekrept
kleinburgerlijk
bezweren
perceel, kavel, stuk ( je ) grond
sterfgeval
zich bewapenen