missglücken
niet lukken, mislukken
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
niet lukken, mislukken
schuine streep
afzetten, afsteken
verbouwen, telen, aanplanten, kweken
tochtig, trekkerig, winderig
excommuniceren
gewetenloos, zonder ( enige ) scrupules
land van herkomst
slager
neuriën, kwelen, kwinkeleren