treulosesten
trouweloos, ontrouw, perfide
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
trouweloos, ontrouw, perfide
bezitten, hebben
winters, winterachtig, winter-
verwateren, met water vermengen
gronden, grondverven, in de grondverf zetten
zwelgen, brassen
scanner
aan ( een ) rijgen, oprijgen, aansnoeren
chartervlucht
schroefsluiting