Besätze
garnering, belegsel
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
garnering, belegsel
glazen, van glas
breien
aanzienlijk, aanmerkelijk
( met de tong uit de bek ) hijgen
( aan ) kleven, vastkleven
saboteren
raffineren
doorgaan, doorwerken
scherp, scherp, bijtend, fel, heftig, streng, pikant