zusammenpasste
in elkaar passen, bij elkaar passen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
in elkaar passen, bij elkaar passen
engageren
formeel
gebeuren, plaatsvinden
klaar, helder, doorzichtig
passend, behoorlijk, naar behoren
seceren, opensnijden, ontleden
benadelen, duperen, achterstellen
tovenaar, magiër
zorgzaam, liefdevol