aufgebrachtes
woedend, kwaad, boos
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
woedend, kwaad, boos
borstklem
bevallen, aanstaan, behagen, in de smaak vallen
Let, Letlander
pistoolmitrailleur
gestaart, met staart
( ver ) afgelegen
afronden
droefgeestig, naargeestig, neerslachtig, zwaarmoedig, somber
ongenaakbaar