notdürftigste
gebrekkig, nauwelijks voldoende
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
gebrekkig, nauwelijks voldoende
bevoegd, competent, verantwoordelijk, belast met
hoed
bezorgen, halen, kopen
ascese, onthechting
filmcriticus
vervreemden, vreemd doen worden
ruilen, verwisselen, omwisselen
vorstelijk, van een vorst
gekleed, goed kledend