offiziöses
officieus, niet officieel
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
officieus, niet officieel
benijden
bijeendoen, bij elkaar doen
aantrekkelijk, attractief, aanlokkelijk, bekoorlijk
opschrikken, opjagen
( wee ) klagen, jammeren, treuren
begunstigen
archimedisch, van Archimedes
reciteren, voordragen
stank