unverblümt
onverbloemd, onbewimpeld
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
onverbloemd, onbewimpeld
rommelen, donderen
tolgaarder, tollenaar
meubileren, inrichten
schrijven
mollig, volslank, dik
feestvieren
schrammen
verbaasd staan, zich verwonderen, zich verbazen, opkijken
na het vastgestelde tijdstip indienen, later indienen