sprachlose
sprakeloos, ( stil ) zwijgend, verstomd, stomverbaasd
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
sprakeloos, ( stil ) zwijgend, verstomd, stomverbaasd
ontkennen, loochenen
vereisen, vergen
slingeren, klapperen, fladderen, knikken
druk op de knop
waarborgen, garanderen, borg staan voor, zorgen voor
brandmerk, schandvlek
ingeboren, inheems
bevelhebber
omhoogkomen, ( naar ) boven komen