Ereignissen
gebeurtenis, voorval
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
gebeurtenis, voorval
vruchtbaar, gunstig
vastleggen, vastmeren
blauwhelm, VN-soldaat
omsingelen
onberispelijk, vlekkeloos
ras
voorhuwelijks, voorechtelijk
atembenemend, buitengewoon groot
leuteren, wauwelen, kletsen, zeveren