zarten
aanvallig, pril, zacht
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
aanvallig, pril, zacht
van de omgangstaal
bont, gevlekt
speen
uitoefenen, beoefenen, verrichten, bedrijven
sublimeren
niet kloppend, niet sluitend, fout
Cubaans
naar voren trekken
gevoelvol, gevoelig