verbreiternd
verbreden, breder maken
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
verbreden, breder maken
leertijd, duur van de beroepsopleiding
twee ( huizen ) onder één kap
wegslepen, ( af ) slepen
in de ban doen
erosie
voorspellen
wervelen, draaien, tollen
ontwarren, ophelderen
( ge ) zang, lied, het zingen