abtreten
aftreden, zich verwijderen, weggaan, afgaan
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
aftreden, zich verwijderen, weggaan, afgaan
zemelen
onvoldoende, ontoereikend
splitsing, vertakking
onbegaafd, niet begaafd
telegraferen, seinen
suspect, verdacht
strand
communicatief
blauwogig