tatkräftig
daadkrachtig, energiek, krachtdadig, voortvarend
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
daadkrachtig, energiek, krachtdadig, voortvarend
bijleggen
ruimen
amuseren, vermaken
toekennen
slank, rank, rijzig
lijsterbes ( senboom )
voeg, gleuf, naad
schort, voorschoot, boezelaar, schootsvel
strak, straf, gespannen, stevig