krümmte
krommen, ( om ) buigen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
krommen, ( om ) buigen
ordinair, onbeschaafd
monumentaal, groots, indrukwekkend
zoet, braaf, lief
( af ) schaven, gladschaven
voldoende, genoeg ( zaam )
renteloos
( erop ) afgaan, erop losgaan
volstrekt niet, geenszins
wisseling, verwisseling, afwisseling, verandering, overgang